Artikel
10
ZO! coach je ontwikkelingsgericht!
Mark de Jonge
"Meer bereiken in
minder tijd!"
Wanneer het tempo van effectief handelen wordt bepaald door de waan van de
dag, leidt dit vaak tot bewustzijnsvernauwing; er ontstaat een tunnelvisie
op wat er gedaan moet worden. Als professional raak je teveel uit balans.
Dit gaat ten koste van de creativiteit en uiteindelijk ook ten koste van de
effectiviteit.
Ondanks deze tijdsgeest is er duidelijk een grote vraag naar resultaatgericht
werken en tegelijkertijd dit als zinvol en verrijkend ervaren. Ik heb daarom
de afgelopen jaren het begrip effectiviteit opnieuw onder de loep genomen.
En dit in een breder perspectief geplaatst. We zijn er vanuit gegaan dat de
'jachtige' en resultaatgerichte cultuur die overheerst niet zomaar verandert.
Ik ben gaan onderzoeken wat nu precies effectief handelen is en welke verschillende
mogelijkheden de mens daarvoor van 'nature'in huis heeft.
Een voorbeeld:
Guido is een ervaren verpleger, die fulltime in een ziekenhuis werkt op een
kinderafdeling. Er is een financieel tekort, dus er wordt bezuinigd op de
personeelskosten. Er zijn een aantal ervaren verplegers weggegaan en daarvoor
in de plaats een aantal net afgestudeerde verplegers terug gekomen.
Deze moeten nog ingewerkt worden en kunnen een aantal taken nog niet verrichten.
Er zijn nog een aantal ervaren parttime verplegers.
De druk op Guido wordt steeds groter. Er wordt een zeer hoge effectiviteit
van hem gevraagd. Hij moet zeer gehaast werken, heeft te weinig tijd om na
te denken. Regelmatig te weinig tijd om de overdracht te doen. Op belangrijke
momenten kan hij niet de professionele kwaliteit leveren die nodig is. Fouten
op de afdeling kunnen desastreuze gevolgen hebben. Er moet ook regelmatig
gesproken worden met bezorgde ouders, emotionele, en vanwege Door het gebrek
aan aandacht en kwaliteit, zijn ontevreden en emotioneel. Het management ziet
inmiddels dat er een personele oplossing moet komen, maar dit zal nog enige
tijd vergen. De vraag waarmee Guido komt is: "hoe kan ik met plezier
blijven werken en voorkomen dat ik ziek thuis kom te zitten?"
De mens, van 'nature' vijf verschillende vormen van adequaat handelen ter
beschikking:
1 Reflexmatig handelen
2 Impulsief handelen
3 Bewust handelen
4 Spontaan handelen
5 Vertraagd handelen
Ze kunnen alle vijf op verschillende momenten effectief dan wel inadequaat
zijn. Ze kunnen helpen maar ook in de problemen brengen. Het resultaat hangt
echter af wanneer en waar welke vorm van handelen wordt ingezet Soms is het
onmogelijk zelfsturend daarin te zijn. Effectiviteit is bewust te zijn op
welke wijze je handelt, weten welke wijze van handelen nodig zou zijn en die
in kunnen zetten.
1 )Reflexmatig handelen
is uiterst effectief als er een vrachtauto onverwachts op je af gereden komt
of erg behulpzaam bij een tenniswedstrijd. Wanneer er haast is om iets af
te krijgen is het fijn als je voldoende automatismen bij de hand hebt.
In het ziekenhuis waar Guido werkt wordt zowel in de verpleging als ook door
chirurgen veel reflexmatig gehandeld. Vaak is er weinig tijd. De professional
moet snel aangeleerd en getraind gedrag in kunnen zetten. Ook Guido, moet
op hoge snelheid, soms buiten adem, routinematig alle noodzakelijke handelingen
bij de kinderen verrichten.
2) Impulsief handelen
is doen wat er in je opkomt. Deze impulsen worden vooral gestuurd door emoties.
Impulsiviteit kan instinctmatig, dus zonder bewuste evaluatie en inschatting
van een situatie, heel adequaat handelen zijn. Impulsiviteit kan ons in chaotische
momenten op goede ideeën brengen. Kinderen zijn vaak impulsief en daardoor
speels en creatief. Ook kunstenaars volgen hun impulsen om ruimte te geven
aan creativiteit en de stroom nieuwe ideeën op gang te houden. Impulsief
handelen kan bij stress in de vorm van emotionele expressie tot ontspanning
leiden; in huilen uitbarsten of een lachbui krijgen. Impulsiviteit is een
belangrijk onderdeel van onze zelfregulatie.
Dat is eigenlijk ons zesde zintuig, wat ons helpt meer effectief te zijn.
In balans komen is immers een steeds terugkerende actie.
Guido raakt echter steeds meer uit balans. Werken met kinderen is emotioneel,
vanwege hun kwetsbaarheid en de natuurlijke betrokkenheid, die ze oproepen..
Hoe meer emoties hoe meer behoefte aan impulsief handelen bij Guido. Waar
in dit werk nu geen ruimte voor is. Hij heeft niet de tijd zijn balans te
herstellen. Wat leidt tot een steeds meer gespannen lichaam. Om het vol te
houden luistert hij minder naar zijn emoties. Hij gaat daardoor steeds slechter
slapen en is minder geconcentreerd.
3) Bewust handelen is
geconcentreerd en gecontroleerd omgaan met allerlei situaties. Dit is een
vorm van cognitieve zelfsturing. Zelfsturing begint bij je vermogen om je
aandacht bewust te sturen en gericht keuzes te maken. Voor een belangrijke
situatie kan je een strategie bedenken. Maar ook bewust handelen garandeert
niet altijd effectiviteit, kan zelfs een noodzakelijke spontaniteit in de
weg staan.
Guido probeert zo bewust mogelijk te handelen. Zichzelf vooral onder controle
te houden. Nadenken wordt door de opgelopen spanning en het gebrek aan tijd
echter steeds moeilijker. Hij realiseert zich dat de kans op fouten steeds
groter wordt. En beseft dat hij nauwelijks nog betrokken kan zijn bij de kinderen.
4) Spontaan handelen is
per definitie adequaat, daarin onderscheidt het zich van de impulsiviteit.
Het laat zich niet afdwingen. Het is een samengaan van zelfreflectie en impulsiviteit.
Een reageren vanuit je gehele menszijn. Spontaniteit is een vorm van creativiteit
die afgestemd is op een situatie en de eigen behoeften. Het is tevens de mogelijkheid
van een nieuw adequaat antwoord op een oude situatie. Maar wanneer een verandering
niet wenselijk is, is spontaniteit hinderlijk.
Omdat bij Guido de emoties steeds meer toenemen en tegelijkertijd onderdrukt
worden kan hij niet meer vanuit zijn gehele menszijn reageren. Spontane acties
zijn door de starheid, die door zijn voortdurende zelfcontrole is ontstaan,
niet meer mogelijk
5) Vertraagd handelen
betekent beslissingen kunnen opschorten en actie uitstellen. Er is tijd voor
reflectie. Door vertraagd handelen kan de tijd gebruikt wordt om te komen
tot nieuwe inzichten, het vergroten van de zelfkennis, een goede planning
te maken en een effectieve zelfsturing in te zetten.
Het lukt Guido niet om vertraagd handelen in te zetten. Wanneer Guido met
emotionele, teleurgestelde en boze ouders praat worden zijn eigen emoties
opgeroepen. Hij dreigt zijn reflectieve distantie als professional te verliezen.
Zijn behoefte toe te geven aan zijn eigen emotionele impulsen, omdat hij nergens
anders een uitlaatklep heeft, gaat hem parten spelen. Hij wordt verdrietig
of boos op de ouders omdat hij het niet eerlijk vindt dat hij de schuld krijgt.
Er worden daardoor klachten over hem bij het afdelingshoofd ingediend. Die
gelukkig wel begrip voor Guido heeft.
Het voorbeeld van Guido
laat zien hoe de fysieke en psychische zelfregulatie aan de basis ligt effectiviteit
Guido kan zichzelf niet reguleren, dat wil zeggen hij kan zelf niet meer bepalen
welke manier van handelen hij inzet. Wij hebben een coachingsmethode ontwikkeld
gericht op het optimaal leren gebruiken van de vijf basisvormen van handelen.
Deze wijze van coaching noemen wij de Zelfreflectie-Ontwikkel-methode (de
ZO-methode). De ZO-methode bestaat uit het coachen op vier aspecten van ons
functioneren: Zelfregulatie, Zelfgevoel, Zelfsturing, en Zelfreflectie.
Deze vier aspecten hebben een geheel eigen dynamiek. Die hebben uitgewerkt
in het onderstaande model. Daarbinnen hebben we de vijf basisvormen van handelen
geplaatst. We geven een beknopte beschrijving van de vier aspecten.

Zelfregulatie
Zelfregulatie is het organisch
proces waardoor ons handelen gestuurd wordt. Het is impulsief
of reflexmatig gedrag gericht op fysieke behoeften bevrediging en emotionele
stabiliteit.
Als we het warm hebben gaan we zweten en doen we een trui uit. Als we dorst
hebben willen we drinken, Als we bang zijn trekken we ons terug, zonder dat
we het doorhebben. Bij veel spanning gaan we roken, koffiedrinken en veel
bewegen.
Voortdurend brengt het leven ons uit evenwicht.
Zeifregulatie, ook wel de homeostase genoemd, is het hanteren van fysieke
en emotionele reacties en eist veel aandacht en energie op; zonder dat er
vaak sprake is van bewuste sturing.
Zelfgevoel
Bewustwording begint in
het lichaam. (Damasio (2002, 2003), Veldman (1986)) . Hierdoor ontstaat een
vorm van 'zelfgevoel'. Zelfgevoel is je lichamelijk, emotioneel en mentaal
bewustzijn in het 'hier en nu'. Zelfgevoel is mogelijk door tastzin. Er kan
daarbij een onderscheid worden gemaakt tussen fysieke en psychische tastzin.
De fysieke tastzin is gericht op het pure fysieke voelen. Hoe je bewust je
hand voelt bewegen, hoe je merkt dat je je schouders optrekt. Je voelt dat
je koude voeten hebt. De wrijving van de broekspijpen tegen je benen. De warmte
van de kachel als je een huis binnen gaat. Hoe meer je je lichaam als een
totaliteit kan ervaren, hoe groter je zelfgevoel wordt. Dit ondersteunt dan
effectief je functioneren.
De psychische tastzin begint bij de emotionele beleving. De psychische tastzin
is in feite de werkelijke bewustwording van emoties. Deze komt tot uiting
in gelaatsexpressie en motoriek. Je springt angstig op als er opeens naast
je een hond begint te blaffen. Er rollen tranen van ontroering over je wangen
door muziek. Je haalt geërgerd je schouders op. Een verdrietig gevoel
vult je borst als je stilstaat bij een verlies.
De tastzin legt dus een
brug tussen je fysieke beleving enerzijds en je emotionele of psychische beleving
anderzijds. De fysieke en psychische tastzin samen vormen gevoelsontwikkeling.
Door gevoelsontwikkeling kun je opkomende impulsen eerder waarnemen voor je
ze omzet in daadwerkelijk handelen. De gevoelsontwikkeling maakt zelfreflectie
en daardoor bewuste zelfsturing mogelijk.
Als Guido voor coaching bij me komt ligt bij hem de nadruk vooral op reflexmatig
en bewust handelen. Hij heeft zijn emotionele impulsen onderdrukt. Zijn psychisch
zelfgevoel is daardoor sterk afgenomen. Door de toegenomen lichaamsspanningen
ervaart hij een onaangenaam Jjisiek zelfgevoel.
De coaching is er op gericht zijn gevoelsontwikkeling weer te ontwikkelen.
Doordat hij bewuster zijn emoties en gedachten gaat ervaren kan hij een geschikte
vorm van impulsief handelen zoeken zodat zijn innerlijk evenwicht meer hersteld
wordt.
Zelfsturing
Het is zo vanzelfsprekend dat de mens zichzelf stuurt in denken, handelen en spreken dat we er niet meer bij stil staan. Regelmatig word je meer extern dan intern gestuurd. Soms word je letterlijk weggeduwd als je probeert een drukke trein binnen te komen. Als de telefoon gaat hebben je deze in een reflex opgenomen. Enorme hoeveelheden werk nemen je al weken volledig in beslag, je voelt dat je dan geleefd wordt door je werk. Regelmatig heb je het gevoel dat het leven je meer overkomt dan dat je het roer zelf in handen hebt.
Zoals ook Guido werd geleefd door zijn omgeving en had niet het gevoel dat hij nog zelf kon sturen. Toch zijn er ook voor hem nog veel momenten van zelfsturing mogelijk! Door te kijken waar meer momenten van vertraagd handelen mogelijk zijn. Bewuster keuzes te maken.
Zelfreflectie
Zelfreflectie is een bijzondere
vorm van aandacht voor jezelf. Zelfreflectie is aandachtig aanwezig zijn.
Terugkijken naar jezelf en bewust te worden van je emotionele impulsen. Deze
te verwoorden en je actie door zeifsturing uit te stellen en te richten. Hier
bij is je zelfgevoel van groot belang zodat je tijdig de emoties in je lichaam
en je denken als patronen kan waarnemen. Deze vertellen iets over hoe we ons
gedragen, welke emoties we daarbij ervaren en wat we erbij denken. Zij worden
voelbaar en zichtbaar, voor onszelf en voor anderen, door beweging, gezichtsuitdrukkingen,
stemgebruik, lichaamshouding en taal. Vaak herkennen we de emoties die in
een lichaam door de beweging tot uitdrukking komen op een zelfde wijze: de
tedere handbeweging van de dirigent, de sierlijke lichaamsdraai en het overtuigende
schot op doel van de voetballer, het boze stemgeluid en de geërgerde
blik van de leraar die een klas tot stilte maant, de verdrietige blik bij
een afscheid, het vrolijke spel van kinderen. Door de aandachtige beleving
en de herhaling van de emotionele patronen kunnen deze worden gementaliseerd;
opgeslagen in onze hersenen. Zodat we ze eerder gaan herkennen en ook weer
kunnen oproepen en bewust inzetten als we ze nodig hebben.
In het geval van Guido betekent dit, dat hij tijdens zijn gesprek met de ouders,
zijn emotionele patronen sneller kan waar nemen, en in staat is door zeifsturing
een refiëctieve en proftssionele distantie tot zichzelf en de ouders
te bewaren. Er kan dan een adequaat antwoord gevonden worden op een moeilijke
situatie, of een nieuw antwoord op een oude stressvolle situatie.
Ten slotte
Ontwikkelingsgericht coachen op integratieve effectiviteit is een creatief proces waar professionaliteit benaderd wordt vanuit de gehele mens. In juni start er op de School voor Professionaliteit een cursus ZO! word je effectief! gericht op het leren werken met deze methode als professional en coach.