Artikel
7
Het gevoelsveld
Mark de Jonge
Sympathie, de onzichtbare hand die de levende wezens verbindt.
Soemini Kasanmoentalib (De dans van dood en leven)
1. Inleiding
Het begeleiden van mensen, of dit nu psychotherapie, coaching of supervisie
is, vraagt om een respectvolle benadering. Cliënten willen een betrokken
mens tegenover zich, met wie zij hun persoonlijke verhalen kunnen delen. Waar
een sfeer van ruimte en openheid is, zodat het proces van herinneren en vertellen
op gang komt. Dit is een delicaat en vaak ook confronterend proces; zowel
voor de verteller als de luisteraar. Je kunt het vergelijken met
iemand die zijn autobiografie schrijft.
In het artikel in de nieuwsbrief van april 2008, hebben we geschreven over
het herinneringsproces aan de hand van een tekst uit de autobiografie van
Günter Grass (2003). Het schrijven van dit boek was voor hem opnieuw
een zelfonderzoek, een confrontatie met zichzelf, tevens een publieke bekentenis.
Mogelijk een verwerkingsproces van existentiële schuld en schaamte. Door
het schrijven is hij misschien ook beter gaan begrijpen wie hij is geworden.
Hij beschrijft zelf het proces van herinneren als het pellen van een ui, als
volgt (pag. 9, 10, 11):
"De herinnering houdt van verstoppertje spelen zoals kinderen dat doen. Ze kruipt weg. Tot mooipraterij neigt ze en ze smukt ze graag op, vaak zonder noodzaak. Ze spreekt het geheugen tegen, dat zich pedant gedraagt en twistziek gelijk wil hebben. Als je haar met vragen op de huid zit, lijkt de herinnering op een ui die van haar rokken ontdaan wil worden opdat kan worden vrijgelegd wat letter na letter af te lezen is: zelden ondubbelzinnig, vaak in spiegelschrift of op een ander manier versleuteld."
Daniel Siegel (1999) stelt : "Je kunt je verleden nooit herinneren hoe
het was, want elke actie van herinneren, verandert deze opgeroepen herinneringen."
En uit de tekst op de achterflap van het boek van Wim Kayzer (1995): "Vertrouwd
en o zo vreemd. Over geheugen en bewustzijn".
"Het is bijna een wonder dat we ons ook maar iets kunnen herinneren
zoals het werkelijk gebeurde. Onze herinneringen worden voortdurend veranderd:
ze veranderen of ze worden eenvoudigweg vernietigd."
Dit schreef de toonaangevende geheugenpsychologe Elizabeth Loftus. Zij was
een van de gasten die door Wim Kayzer werden uitgenodigd voor een vertelling
over geheugen en herinnering. In zijn uitnodigingsbrief stond één
vraag centraal: "Zullen we ooit iets van ons bewustzijn kunnen begrijpen
als we niet eerst ontraadselen waarop het drijft: geheugen en herinnering?"
Een boek wat de volledige interviews van Wim Kayzer bevat met schrijvers,
wetenschappers maar ook met mensen zonder herinneringen, savants en geheugenwonderen.
Deze interviews werden gedeeltelijk op televisie uitgezonden en maakten veel
indruk. Vooral door de bijzondere sfeer die ontstond tijdens deze gesprekken.
Deze interviews zijn een vorm van ontmoeten die doen denken aan sommige ervaringen
tijdens therapie- en coachinggesprekken. Het zijn ontmoetingen waarin beiden
geraakt en verrast worden door wat ze zeggen. Zoals Jane Goodall na afloop
in een parkeergarage tegen Wim Kayzer verbaasd zei: "Ik heb van mezelf
opgekeken."
Zij nam deel aan zijn tweede serie van interviews met filosofen, wetenschappers
en schrijvers, gebundeld in: "Het boek van de schoonheid en de troost"
. Tijdens de uitzending van deze gesprekken word je getroffen door de vertraagde
schoonheid en de onverwachte momenten van bewustwording. Mooie momenten waarin
sprake was van een 'gedeelde ruimte van gevoel' waarin de deelnemers een 'diepere
betekenisgeving' ervaren.
Wij noemen dit 'verhalen in het gevoelsveld". 'Verhalen' bedoeld in de
betekenis van zowel het werkwoord en als ook van het zelfstandig naamwoord.
Een diepgang die zeker ook ontstond door de vragen die Wim Kayzer stelde:
" Vertel me wat dit leven de moeite waard maakt. Waarin vinden we schoonheid, en is er over die schoonheid ook nog iets te beweren? Waardoor worden we getroost? Wat zijn de herinneringen of verwachtingen die groter zijn dan ons verdriet?"
Wim Kayzer ontmoette mensen in de 'narratieve ruimte'.
In het onderstaande artikel ga ik dieper in op wat deze 'narratieve ruimte'
is, en hoe dit 'gevoelsveld' kan ontstaan. Eerst beschrijf ik kort wat ten
grondslag ligt aan de werkwijze van Creattitude. In de werkwijze van Creattitude
staat het gevoelsveld centraal. Het gevoelsveld is een boeiend fenomeen wat
de afgelopen 10 jaar tijdens het werken met individuele cliënten, maar
ook in groepen naar voren is gekomen. Deze momenten worden ook herkend tijdens
de interviews van Wim Kayzer. Het is een complexe ervaring die zich niet zo
eenvoudig laat beschrijven. Mensen ervaren deze bijzondere momenten ook verschillend.
Gebruiken hun eigen taal om dit te kunnen verwoorden.
In dit artikel worden daar een paar aspecten uit belicht:
1) Het gevoelsveld ontstaat in een therapeutisch contact door een wederzijds
'geraakt' zijn. Zowel de therapeut als de cliënt ervaart een intens contact.
In de haptonomie staat het 'geraakt zijn in de ontmoeting' centraal. Aan de
hand van
stukjes tekst van twee auteurs over deze theorie (W.Pollman-Wardenier, 1998
en
Margo Knaapen, 1986) belichten wij dit aspect van 'contact' in het gevoelsveld
2) Mijn ervaring met het gevoelsveld is, dat je samen deel uit maakt van een
groter geheel; het zijn momenten van een bijzondere schoonheid.
Wim Kayzer heeft in " Het boek van de schoonheid en de troost "
een aantal wetenschappers aan het woord gelaten over schoonheid. Waaronder
de beschrijving van de prachtige natuurervaringen van Jane Goodall In dit
artikel beschrijven wij
aan de hand van teksten van Jane Goodall, het 'schoonheidsaspect van het gevoelsveld'.
2. De werkwijze van Creattitude
In een driejarige leergang "individuele begeleiding" leren de studenten volgens een zowel narratieve als ook cognitieve methode, mensen individueel begeleiden. Deze methode noemen wij Creattitude. Een samenvoeging van creatieve attitude. Creattitude is erop gericht mensen te begeleiden in het vinden van antwoorden op de meer of minder complexe vraagstukken en oplossingen voor problemen die deze tijd met zich meebrengt. Door te werken vanuit het gevoelsveld maakt de cliënt contact met dieperliggende of nog onbewuste motieven in zichzelf. Deze motieven vormen verhalen waarbinnen vaak een antwoord is te vinden. Verhalen vormen in het "gevoelsveld""deuren naar diepere betekenis waardoor men een andere keus kan maken, zichzelf beter begrijpt, een pijnlijke gebeurtenis kan accepteren of dat men het leven een nieuwe wending kan geven.
De werkwijze van Creattitude bevat elementen uit lichaamsgericht werken,
werken in contact en in het 'hier en nu'. Hij is existentieel, dat wil zeggen
dat de mens in zijn aller oorspronkelijkste vorm wordt aangesproken. (Yalom,
1980)
We werken contactgericht zoals in de Gestalttherapie (Lambrechts, 2001) én
zoals deze is terug te vinden in de grondhouding van de Rogeriaanse therapeut
(Vossen, 1967). Onze grondhouding is gericht op de mogelijkheid dat de begeleider
zijn eigen 'gevoel' tegelijkertijd naar binnen en naar buiten uitbreidt (Veldman,
1987). Hierdoor ben je als begeleider congruent: dat wil zeggen 'echt' in
de ontmoeting met de cliënt. Hierdoor kun je 'mee' in het verhaal van
de protagonist stappen; terwijl er voldoende reflectieve distantie blijft.
3. Contact in de narratieve ruimte
Bij individuele begeleiding is het noodzakelijk een goede 'ruimte' te creëren
waarin het verhaal verteld kan worden.
Francois Breuer (2006) verwoordt het als volgt
"De interactie tussen de verteller en de luisteraar biedt de mogelijkheid van het ontstaan van een ruimte, die ik de' narratieve ruimte' zou willen noemen, waarbinnen de wereld van de verteller en van de luisteraar elkaar ontmoeten en waarin ideeën ervaringen, gevoelens en andere bewustzijnsinhouden met diepe interesse en respect voor de verschillende belevingswereld van elkaar, worden uitgewisseld. Kenmerkend voor deze ruimte is een bepaalde mate van openheid, intimiteit, ontvankelijkheid, en verwondering die ondersteund wordt door een quasi-tranceachtige staat van bewustzijn die tegelijkertijd een alertheid naar buiten en een zelfonderzoek naar binnen toelaat."
In deze narratieve ruimte kan een "delen van gevoel" ontstaan. Dit is een bijzondere vorm van contact. W.Pollman-Wardenier, beschrijft het contact wat tussen twee mensen kan ontstaan als volgt:
"Gebruiken we het begrip 'contact' in relatie tot hogere levensvormen,
dan kan het begrip ons poorten ontsluiten tot menselijke werkelijkheid en
zal het zicht geven op de rijkdom aan menselijke mogelijkheden.
Want een "met" of "samen" geldt alleen indien er sprake
is van een relatie met de ander of elk-ander. "Aanraken" draagt
de kostbare lading van de wederkerigheid: van aanraken via raken tot "geraakt"
worden: van "beroerd", "geroerd" worden, komen tot "ontroering".
Als dan krijgt het met-elkaar-in-contact-staan, de inhoud van het 'voeling'
hebben en houden, met elkaar. Dan groeit het contact uit tot onderlinge verbondenheid,
met als hoogste vorm het samengaan in liebende Wirheit, waar Binswanger over
spreekt."
Er ontstaat bij 'vertellen in contact' zowel bij degene die vertelt als degene
die luistert 'voeling' met het verhaal, wat verteld wordt. Het verhaal komt
tot leven, en wordt driedimensionaal ervaren. Het vult de narratieve ruimte.
Door meer te gaan voelen zijn woorden en gewoonten opeens niet meer vanzelfsprekend.
We kunnen gaan twijfelen aan de keuzes die we tot nu gemaakt hebben. Voelen
brengt schoonheid en kan ons bestaan verruimen, vernieuwen, maar ook ontwortelen.
Zo vertelde een 45-jarige man, die al jarenlang 70 uur per week werkte, tijdens een coachingsgesprek met ogen vol ontroering en verdriet, dat hij "voor het eerst een spinnenweb had gezien". Deze zin sprak boekdelen. Hij maakte in één klap duidelijk hoe hij tot dan toe geleefd had. Hij was klaarwakker geworden. Ik voelde me als luisteraar zeer geraakt door de onbevangen oprechtheid waarmee deze ene zin werd uitgesproken. Dit moment, het zien van het spinnenweb, veranderde zijn leven voorgoed.
4. Ontmoeten in het gevoelsveld
Wanneer twee mensen in de narratieve ruimte samen een persoonlijk gesprek
hebben, en emotioneel geraakt worden tijdens het vertellen, dan kan er door
een wederzijdse bewogenheid een gedeelde psychische ruimte ontstaan. Deze
ruimte noemen het gevoelsveld. Ons gevoel kunnen we ruimtelijk bevatten. En
'is' tegelijkertijd een ruimtelijk ervaren en bevatten.
De ruimtelijkheid waarin deze wederzijdse bewogenheid ervaren wordt, beschrijft
Margo Knaapen (1986) als volgt:
" Er ontstaat hierbij een verandering in de ruimtelijke uitgebreidheid
van de lichamelijkheid door de deelname van het gemoed, het affectieve innerlijk
van de mens. Door deze betrokkenheid ontstaat er een diepe wederzijdsheid
in het contact.
De andere mens wordt aangesproken in de affectieve ontmoetingsbereidheid van
zijn innerlijk. Op ruimtelijke afstand voelt de ene mens de aanwezigheid van
de andere mens dan bijvoorbeeld als behaaglijk, als goed. Mensen verkeren
dan in elkaars affectieve ruimtelijkheid."
Door bewustwording van deze affectieve ruimtelijkheid, kunnen we deze gaan
symboliseren. Dat wil zeggen verwoorden en vertellen en/of verbeelden zoals
in de kunst of drama. Verwoorden is delen van onze kennis voortkomend uit
onze beleving. We kunnen nieuwe kennis opdoen als we ons gevoel openstellen
voor de ander. Verwoorden van wat we voelen geeft houvast. Een juist woord
bij een gevoel is soms als de juiste sleutel in het slot waardoor dit soepel
opengaat. Maar door te verwoorden kan het ook zo zijn dat we soms op een verkeerde
manier afstand nemen van onze ervaring.
Jane Goodall drukte dat gevoel, toen ze met Wim Kayzer (2000, pagina 121)
in gesprek was, heel goed uit toen ze het had over een insect dat op haar
arm was komen zitten.
"Het was een schitterend mooi insect, glanzend groen en goud en rood, met gouden haren op zijn onderlijf en gloeiend rode ogen. Ik wist zeker dat het nog nooit beschreven is. Als chimpansees naar zo'n vlieg kijken, hebben ze er geen woord voor, ze gebruiken niet het woord 'vlieg'. Ze kennen zonder twijfel het concept 'vlieg', maar ze kijken naar dit wezen zonder zich af te vragen wát het is. Ik kreeg het gevoel dat het besef 'dit is een vlieg' iets afdeed aan de schoonheid ervan. Ik stelde me voor hoe dat zou zijn, als ik het woord 'vlieg' losmaakte van het insect op mijn arm. Ik keek nu zonder er een benaming aan te verbinden naar het wezen dat mijn moment in tijd en ruimte deelde, en toen was er alleen een gevoel van ontzag en verwondering over de evolutie van het leven waar we beiden deel van uitmaakten".
Gevoel is zonder woorden. Gevoel kan de vorm aannemen van schoonheid en oneindigheid.
Freeman Dyson schreef aan Wim Kayzer over schoonheid als volgt:
"We weten letterlijk niets over schoonheid. We weten niet waarom
het gevoel van schoonheid zich in onze soort ontwikkelde, we weten niet waar
het gelokaliseerd is in onze hersens. Zelfs psychologen die het fenomeen alleen
proberen te beschrijven blijven hopeloos steken. Schoonheid heeft van doen
met emoties. Onze emoties waren er veel eerder dan onze taal. We hebben vermoedelijk
nog geen woorden om het hele fenomeen te beschrijven of te verklaren.
Vaak willen onze mooie ervaringen verwoorden, om ze te kunnen delen. Bijna
altijd ervaar je dan dat woorden tekort schieten. Je begint aan een hopeloze
onderneming."
4.1 Wat is gevoel?
Het gevoel begint met de tastzin, met onze lichamelijke gewaarwordingen.
We kunnen onze schouderbladen voelen, we kunnen onze ribben voelen. We kunnen
de schouderbladen, ribben en de ruimte daartussen, de borstholte, als een
geheel voelen. Zo kunnen we onze armen, ons hoofd etc. ruimtelijk ervaren.
En we kunnen ook de ruimte om ons heen voelen.
Op het moment dat er emoties zijn wordt deze lichamelijke ruimte een psychische
ruimte. Emoties zijn lichamelijke veranderingen die betekenis geven aan onze
zintuiglijke indrukken. Zo kunnen we muziek horen waar we ons prettig bij
voelen, maar er is ook muziek
waardoor je verdrietig wordt. Als we vlak langs een afgrond lopen kan de angst
het gehele lichaam bekruipen, onze spieren doen verstijven. Het lichaam wordt
dan ook wel het theater van onze emoties genoemd. Vanuit onze emoties ontstaan
ook neurologisch gezien, de gevoelens (Damasio, 2002).
Gevoelens zijn volgens Damasio de bewuste beleving van emoties. Een innerlijke
verandering doordat we geraakt zijn. Een ruimtelijke bewogenheid. Deze beleving
is een ruimtelijke ervaring, die we met andere mensen 'in contact' kunnen
delen. Waardoor we ons deel van een groter geheel kunnen voelen. Dit is een
diep menselijk verlangen. Ook in de natuur kunnen we het gevoelsveld ervaren.
Hoewel we alleen zijn, ervaren we dat we deel uitmaken van een groter geheel;
en zo nietig zijn.
"Een paar van de allermooiste momenten van mijn leven heb ik beleefd
als ik 's nachts naar de bergtop ging. Als ik na het avondeten naar boven
klom, hoorde ik in het donker allerlei vreemd geritsel. Er waren destijds
luipaarden en buffels, maar op de een of andere manier was ik minder bang
als ik in de lichtcirkel van mijn lantaarn liep. Als ik op de bergtop aankwam,
voelde ik me thuis, voelde ik me geborgen. Het meest magisch waren de nachten
die ik in het maanlicht op de bergtop doorbracht. Ik had daar een kleine hut,
een paar palen met een strooien dak, waar ik een tinnen kist had met een deken
en een waterketel erin. Ik ging zitten en keek naar de bomen in de vallei
onder me, waar het maanlicht de palmkruinen zilver bescheen. Het maanlicht
was helder, het hing in de vallei als een zilveren mist. Ook het meer glansde
in de diepte in al zijn mysterieuze onaantastbaarheid. Die nachten waren volkomen
magisch, en ik voelde een sterke verbondenheid met de kosmos, met de grote
spirituele Kracht waarbinnen we leven, bewegen en bestaan".
Niets is mooier dan naar de hemel kijken als hij bezet is met sterren. De
sterren maken je deemoedig. Je wordt je gewaar van de grote mysteries van
het heelal, van tijd, van ruimte. Je voelt je zo klein, zo minuscuul, en al
onze menselijke problemen schijnen tegelijk zo onbetekenend, zo absurd."
Aldus Jane Goodall (Wim Kayser, 2000, pag. 114, 115).
4.2 De schoonheid van het gevoelsveld
De volgende ervaring die Jane Goodall (Wim Kayser, 2000, pag. 113) verwoordt is werkelijk een beleving. Ze neemt je in haar verhaal mee naar een gevoelsruimte vol kleuren, geuren en geluiden van het bos:
"Over een andere levendige ervaring heb ik al eens geschreven (in
Through a Window). Ik had een groep chimps gevolgd; het had geregend en ik
was nat en verkleumd. Ze klommen in een boom en begonnen zich te goed te doen
aan nieuwe scheuten. Een tedere avondzon brak door de wolken en deed de jonge
blaadjes felgroen oplichten; de natte boomtakken waren zwart als ebbenhout,
het zwarte haar van de chimps zat vol roodbruine vlekken. Achter ze, waar
de regenwolken over het glimmende meer wegdreven, was de lucht paarszwart.
In de verte rolde de donder. Plotseling was het alsof ik deel werd van deze
wereld. Al mijn zintuigen stonden op scherp. Ik kon de natte vacht van de
chimps ruiken, en mijn eigen natte haar. Het gezang van de vogels was helderder
dan ooit tevoren, en hartverscheurender dan ooit. Ik hoorde nieuwe, hoge noten
in het gezoem van insecten. Plotseling voelde ik de aanwezigheid van een bosantilope
en toen zag ik hem met zijn kastanjebruine vacht en zijn gekrulde hoorns zwart
van de regen. Langzaam liep hij langs me, zonder me te zien. Ik bleef op die
plaats toen de chimpansees de boom hadden verlaten, en schreef onmiddellijk
alles wat ik me kon herinneren van dat moment op - het gevoel van een zijn
met de wereld der natuur.
Zulke momenten zijn vluchtig. Het bos is altijd prachtig - ik zie het, ik
voel het. Maar bijzondere momenten zijn als de fonkelende edelsteentjes die
na een regenbui in een spinnenweb blijven kleven en verdampen als de zon weer
schijnt. Zulke momenten overkomen je onverwachts. Het zijn geestelijke hoogtepunten."
Zoals Jane zo mooi verwoordt is het de fysieke tastzin die ons gevoel mee
activeert. Maar alle zintuigen doen mee, de tast, de reuk, het gehoor, de
ogen. Maar alle zintuigen beginnen in feite met een fysieke aanraking. Het
licht dat op ons netvlies valt. De trillingen van geluid tegen ons trommelvlies.
De vruchtsappen op de smaakpapillen van tong, de fysieke aanraking van de
huid. Het is ons bewuste gevoel op zo'n moment, waardoor alle indrukken samenhangend
worden, en de emotie de innerlijke cohesie vormt. Zoals Jane in het bos. En
door de krachtige doch subtiele zintuiglijke indrukken wordt het gevoel van
Jane versterkt. Op het moment dat ze ook emotioneel geraakt wordt, verandert
het ruimtelijk voelen in een gevoelsveld. Een veld wat we kunnen ervaren en
dat we ook zelf zijn.
Een ervaring die we met anderen ook in andere situaties kunnen delen. Tijdens
een concert kan de intensiteit van de muziek een collectieve vervoering, ontroering
bij het publiek teweeg brengen. De gehele zaal is dan ruimtelijk gevuld met
gevoel. Er is dan een tastbaar collectief gevoelsveld.
5. Conclusie
Het gevoelsveld is onzichtbaar en zichtbaar tegelijkertijd. Het komt voort uit de zintuiglijke indrukken en transcendeert deze indrukken. Het is bovendien een bijzonder werkzame 'methodiek' in het psychotherapeutisch proces. Er kan op zorgvuldige methodische wijze een narratieve ruimte gecreëerd worden, waarin het gevoelsveld kan ontstaan. Het gevoelsveld is een woord waarmee ik bepaalde ervaringen beschrijf, daar waar anderen dit op een verschillende wijze verwoorden. Jane Goodall spreekt van spirituele ervaringen en spirituele kracht. Levende taal is persoonlijk. Herinneringen die we mogen ervaren met een ontroerende, verdrietige, gelukkige of een ondefinieerbare glans. Gelukkig bestaan er nog magische momenten in het leven!
Literatuur
Breuer, F. (2006)
Storytelling als interactieve interventie. Toepassen van de narratieve benadering
organisatieverandering. Pag 61-78 in Interveniëren en veranderen.
Zoeken naar betekenis in interactie.
Uitgeverij Boonstra, J & De Caluwé, L. Kluwer.
Damasio, A.R. (2003)
De vergissing van Descartes. Gevoel, verstand en het menselijk brein.
Uitgeverij Wereldbibliotheek, Amsterdam
Damasio, A.R. (2001)
Ik voel dus ik ben. Hoe gevoel en lichaam ons bewustzijn vormen.
Uitgeverij Wereldbibliotheek, Amsterdam.
Damasio, A.R. (2003)
Het gelijk van Spinoza. Vreugde, verdrieten het voelende brein.
Uitgeverij Wereldbibliotheek.
Grass, G. (2006)
De rokken van de ui. Meulenhof Amsterdam
Kasanmoentalib, S. (1989)
De dans van dood en leven. De Gestaltkreis van Victor von Weizsäcker
in zijn
wetenschapshistorische en filosofische context.
Uitgeverij Kerckebosch bv, Zeist.
Kayser, W. (1995)
Vertrouwd en o zo vreemd. Over geheugen en bewustzijn.
Uitgeverij Contact, Amsterdam/ Antwerpen.
Kayser, W. (2000)
Het boek van de schoonheid en de troost.
Uitgeverij Contact, Amsterdam/ Antwerpen.
Knapen, M. (1986)
Tasten in het duister, voelen in het licht. Een haptonomische studie over
mensen die blind zijn in een wereld van mensen die zien.
Eigen Uitgave ISBN 90-800092-2-9
Lambrechts, G. (2001)
De gestalttherapie.
George Lambrechts en uitgeverij EPO. Berchem
Pollmann-Wardenier, W&Dijkhuis, J.J.&Troost, T. (1998)
Verkenningen in de haptonomie. Tastzin, emotie, therapeutische begeleiding.
Uitgeverij A.W. Bruna Uitgevers.B.V.
Siegel, J.S. (1999)
The developing mind. How relationships and the brain interact to shape who
we are.
Uitgeverij The Guildford Press. New York.
Veldman, F. (1987)
Haptonomie. Wetenschap der affectiviteit.
Uitgeverij Erven J.Bijleveld.Utrecht
Vossen, T. (1967)
Zichzelf worden in menselijke relatie. Een ontwikkelings-psychologische
studie van de Rogeriaanse grondhouding en haar verwerkelijking in psychotherapie,
onderwijs en bedrijfsleven.
Uitgeverij De Toorts Haarlem
Yalom, I.D. (1980)
Existential Psychotherapy. Basic books, Inc., Publishers. New york